Boek
Nederlands

De gelukzalige jaren van tucht : roman

Fleur Jaeggy (auteur), Annegret Böttner (vertaler), Leontine Bijman (vertaler)

Besprekingen

Pensionaatsliefde

Zelden is het claustrofobische, naoorlogse kostschoolleven prangender onder woorden gebracht dan in De gelukzalige jaren van tucht. De Zwitserse Fleur Jaeggy levert een obsessief meesterwerk af.

De herontdekking van de oudere vrouwelijke schrijver is een feit. Na Vivian Gornick, Sigrid Nunez, Joan Didion en Annie Ernaux lijkt nu ook de Zwitsers-Italiaanse Fleur Jaeggy (81) haar fijnproeversstatus eindelijk te gaan overstijgen, met een uitgave van haar in 1989 verschenen De gelukzalige jaren van tucht.

Haar reputatie groeide nadat Tim Parks Sweet Days of Discipline naar het Engelse taalgebied loodste. Maar altijd bleef er een zweem van mysterie rondom Jaeggy hangen, die nog altijd werkt op een oude, moerasgroene Hermès-typemachine. Aan interviews heeft ze geen boodschap: "Als ik een boek af heb, wil ik er niets meer mee te maken hebben."

De gelukzalige jaren van tucht is een zeer merkwaardige toevoeging aan het rijke kostschoolgenre. Er slaat een geraffineerde verontrusting af van deze roman, waarin Jaeggy's thema's zich haarfijn uitkristalliseren: genadeloze obsessies gepaard gaand met emotionele distantie, sluimerend geweld en 'het plezier van de tele…Lees verder

Leven als in een graf

De Zwitsers-Italiaanse schrijfster Fleur Jaeggy (81) wordt langzaamaan herontdekt. Zopas verscheen een herwerkte vertaling van De gelukzalige jaren van tucht. Je hebt het zo uit en je vergeet het nooit meer.

Al op de eerste bladzijde van De gelukzalige jaren van tucht ontregelt Fleur Jaeggy. De setting is een kostschool in het Zwitserse Appenzell, een 'Arcadië van ziekelijkheid'. Wie naar binnen kijkt, ziet 'een getemd woekeren'. Er wordt een verband gesuggereerd tussen idylle en dood. Een licht onbehaaglijk gevoel bekruipt me. Jaeggy heeft mij beet en zal niet meer lossen.

De terugblikkende, naamloze ik-verteller is 14 als op het Bausler Instituut een nieuw meisje arriveert. De 15-jarige Frédérique is een toonbeeld van orde, netheid, gehoorzaamheid, onderdanigheid en discipline, ze toont geen emotie, is vals vriendelijk tegen iedereen en schept daarmee een onoverbrugbare afstand. Ze is 'ongelooflijk volmaakt', een idee.

De ik-verteller imiteert Frédériques handschrift, wil haar veroveren en samen met haar neerkijken op de rest. Ze wil Frédérique zíjn. Het wordt een obsessie. Haar Duitse kamergenote, wier aanwezigheid …Lees verder

IJskoud proza vol spanning en suggestie

De Zwitserse Fleur Jaeggy brak ooit door met deze mooie kostschoolroman, die nu weer in het Nederlands beschikbaar is. In een bondige stijl vertelt zij over een bijzondere liefdesrelatie.

Hij doet echt zijn best, de journalist van The New Yorker die Fleur Jaeggy (Zürich, 1940) onlangs te spreken kreeg voor een zeldzaam interview. In haar appartement in Milaan vraagt hij de Zwitsers-Italiaanse schrijfster naar haar vriendschap met Ingeborg Bachmann, Oliver Sacks en Joseph Brodsky. Naar haar pas overleden echtgenoot, de Italiaanse uitgever en schrijver Roberto Calasso. Naar haar oudere werk en huidige bezigheden.

Het antwoord bestaat meestal uit slechts een paar woorden ('schrijven interesseert me totaal niet'). Ja, haar geliefde groene typemachine, bijgenaamd Hermes, daar wil ze wel over uitweiden.

In haar romans en verhalen is Jaeggy al net zo kort van stof. Haar stijl is zó bondig, zó geslepen. 'Zelfs de spaarzaamste Italiaanse dichter schrijft langere zinnen', merkte vertaler Frans Denissen eens op. Zijn prachtige vertaling van SS Proleterka, over een bevoorrecht maar emotioneel verwaarloosd meisje dat een bootreis maakt met haar v…Lees verder

FLEUR JAEGGY De gelukzalige jaren van tucht

BOEKENBAL

Heel af en toe krijg je een boek onder ogen dat zich als een priem onder je her­ senpan boort. ‘De gelukzalige jaren van tucht’, oorspronkelijk uit 1989, is zo’n boek. In beklemmend precies proza herinnert een vrouw zich haar kostschooltijd. Een nieuw meisje, dat ‘niets menselijks’ heeft, wordt het object van haar obsessie: ze is perfect, gedien­ stig, afstandelijk, volstrekt leeg en soeverein verheven. De afgunstige verteller be­ seft: de nieuwe is er nog ver­ der in gegaan dan zijzelf, in de onthechting, in de ascese, in de onderdanigheid. Daarom wil

ze haar hebben, bezitten, straf­ fen zelfs, totaal, radicaal, want in die gedisciplineerde omge­ ving is liefde hetzelfde als con­ trole, genot hetzelfde als pijn. Het absolute of de ondergang, vernederen of vernederd wor­ den: tussen de felste extre­ men is in dat universum geen spleetje ruimte. Als een meedogenloze mees­ teres trekt de Zwitserse, in het It…Lees verder

We leven allemaal in Appenzell

Niets zo vluchtig en illusoir als geluk, toont Fleur Jaeggy. Wanneer je denkt dat het eindelijk zal komen, blijkt het al lang voorbij te zijn.

‘In Appenzell ontkom je niet aan wandelen. Als je de kleine witomlijste ramen bekijkt en de nijvere, stralende bloemen op de vensterbanken, ontwaar je een tropische stilstand, een getemd woekeren, en krijg je het gevoel dat er zich binnenshuis koel-sombere en enigszins ziekelijke dingen afspelen.’ Ja, Appenzell, bekend van zijn kaas en zo ongeveer het laatste plekje in Europa waar vrouwen stemrecht kregen. Je gaat er niet naartoe om met een lading frisse ideeën weer huiswaarts te keren. Dat Fleur Jaeggy haar roman De gelukzalige jaren van tucht , oorspronkelijk verschenen in 1989, in Appenzell laat spelen schept dus verwachtingen.

In het boek denkt een anonieme vertelster terug aan haar kostschooljaren in het Bausler Instituut. Of eerder aan dat ene jaar niet lang na het einde van WO II dat haar leven zou veranderen, toen ze veertien was. Net zoals het hoofdpersonage uit Jaeggy’s een paar jaar geleden vertaalde en onder het lof bedolven SS Prolterka he…Lees verder

Een vrouw die tien jaar van haar jeugd op een kostschool doorbracht, denkt met nostalgie en afkeer terug aan deze periode in haar leven. Zij geeft haar observaties van de meisjes om haar heen door de ogen van een volwassene twintig jaar na het verlaten van de school. Zij beschrijft haar functioneren in deze omgeving die beheerst wordt door orde en tucht en gebrek aan liefde. De ouders leggen de verantwoordelijkheid voor de opvoeding bij de schoolleiding. De onmacht van de hoofdpersoon die warmte kan geven noch ontvangen, vormt ook na twintig jaar nog een probleem, maar in de maatschappij zijn geen vaste regels, het houvast is verdwenen. Een aanklacht tegen het kostschoolleven. Goede karakterbeschrijving. Een boeiend maar vaak wrang verhaal. Normale druk.

Een kostschool als een mortuarium

In Fleur Jaeggy's roman worden meisjes klaargestoomd voor het huwelijk.

Hoe komt het toch dat de nu 81-jarige Zwitserse Fleur Jaeggy die zo'n aansprekende, eigen stem heeft, als schrijver zo onbekend is gebleven? Het is niet alsof ze ver weg op een Zwitserse berg leefde. Jaeggy was sinds de jaren zestig, tot zijn dood deze zomer, getrouwd met Roberto Calasso, auteur en uitgever, een 'literair instituut' in Italië. Ze woonden in Milaan.

'Jaeggy schrijft met een scalpel' schreef Gerwin van der Werf in zijn bespreking van de roman SS Proleterka die enkele jaren terug hier in vertaling verscheen. Nu komt uitgeverij Koppernik met een herziene vertaling van De gelukzalige jaren van tucht, een korte roman uit 1989, waarvoor Jaeggy in Italië meermaals werd bekroond.

Veel indruk maken de scherpte en het abstraherend vermogen van de jonge vertelster die op een Zwitsers pensionaat, Bausler Institut, in de ban raakt van een getalenteerde, volmaakt beheerste medeleerlinge, 'een nihiliste zonder passie'. Haar onderdanige medeleerlingen, brave…Lees verder

Over Fleur Jaeggy

Fleur Jaeggy (Zürich, 31 juli 1940) is een Italiaanstalige Zwitserse auteur.

Leven

Jaeggy werd drietalig opgevoed in Zürich (Frans, Duits, Italiaans) en liep school in verschillende meisjespensionaten. Na een korte modellencarrière in New York verhuisde ze in de jaren zestig naar Rome. Daar knoopte ze een levenslange vriendschap aan met de Oostenrijkse schrijfster Ingeborg Bachmann. Ook ontmoette ze er Thomas Bernhard en Roberto Calasso, met wie ze in 1968 trouwde en in Milaan ging wonen. Dat jaar bracht ze ook haar eerste roman uit, bij uitgeverij Adelphi waar haar echtgenoot werkte. Het succes kwam met de publicatie in 1989 van I beati anni del castigo, dat de premio Bagutta won. Haar romans en verhalen zouden vanaf dan regelmatig worden bekroond met hoge literaire onderscheidingen van Italië.

Naast het schrijven van romans en verhalen, vertaalde Jaeggy werk van Marcel Sc…Lees verder op Wikipedia